Wist jij dat maar liefst 6 op de 10 automobilisten rijdt met te zachte banden!? Dat is dom, duur én potentieel levensgevaarlijk. Met te zachte banden heb je minder grip en krijg je sneller een lekke band. Check daarom liefst vandaag nog je bandenspanning!
Volgens verzekeraar Centraal Beheer rijdt 64 procent van de Nederlanders rond met een auto met te zachte banden (cijfers 2020). Dat is minder onschuldig dan het lijkt. Een te hoge, maar ook zeker een te lage bandenspanning vergroot de kans op een lekke band . Dat wil je nooit meemaken, zeker niet bij hoge snelheden. Banden met onderdruk, te weinig lucht dus, zijn gevoeliger voor oververhitting. In het ergste geval kan je band ploffen. Klinkt griezelig, en dat is het ook!
Zachte banden zijn ook op een andere manier gevaarlijk. Ze hebben minder grip. En je weet: grip is essentieel bij remmen én in bochten. Zeker bij een noodstop wil je geen millimeter remweg te veel. In een bocht kunnen te zachte banden uitglijders veroorzaken. Als je heel lang doorrijdt op zachte banden, vervormt het oppervlak van de banden. Je begrijpt het al: met banden die niet perfect rond zijn, stuur je minder precies.
De snellere slijtage betekent dat je vaker nieuwe banden nodig hebt. Dat merk je in de portemonnee. Zachte banden leiden bovendien tot een hogere rolweerstand en meer energieverbruik. Gemiddeld scheelt dat 150 euro aan brandstofkosten per jaar. Zonde! Dat zijn heel wat drankjes op een zomers terras. Ten slotte maken banden met een lage spanning meer geluid. Dat is hoorbaar én voelbaar minder prettig.
Een autoband verliest ongeveer 0,2 bar druk per maand. Dat is 10-15%. Een autoband heeft immers zo’n 2,3 tot 2,5 bar nodig. Het advies is om zeker één keer per maand de druk te controleren. Dat doe je gewoon bij het tankstation, liefst elke maand. Je kunt ook vertrouwen op het bandenspanningscontrolesysteem van je auto. Gaat het lampje branden, zorg dan snel voor wat extra lucht. Maar waarom zou je dat afwachten?
Ga je binnenkort met de auto op vakantie, controleer dan voor vertrek zéker de bandenspanning. In het instructieboekje van je auto of in de binnenkant van de deur of tankdopklep zie je wat de juiste bandenspanning is voor jouw situatie. Met het hele gezin én flink wat bagage op pad vragen je banden om meer druk dan wanneer je alleen en kofferloos op pad gaat.
1) Controleer je bandenspanning elke maand én voor elke lange rit.
2) Check de bandenspanning bij koude banden. Dus binnen de eerste 5 kilometer van je rit. Warme banden hebben een hogere bandenspanning.
3) Kijk in het instructieboekje wat de juiste spanning is. Aan de binnenkant van het portier of tankklepje zit vaak ook een tabel.
4) Stel de juiste bandenspanning in op de bandenpomp bij het tankstation.
5) Zet de mondstuk van de bandenpomp recht op je ventiel. Als de band op de juiste spanning is, klinkt er een piep. Klaar!
Vergeet niet de reserveband ook een beetje lucht te geven. Belangrijk daarbij: de bandenspanning van zo’n ‘thuiskomertje’ is vaak hoger; hoe hoog precies, dat lees je in het instructieboekje.
Goeie reis – houd de spanning erin!